Dit keer ben ik – het schrijven aan de site Textielkunde vraagt tijd – slechts met één werk bezig.
Het eindresultaat publiceer ik nu de eerste dagen van de maand al voorbij zijn.
Soms is het niet belangrijk hoe het eindresultaat eruit ziet: alleen al de weg die iemand aflegt naar dat (nog) niet gelukte produkt is al een verhaal, kan een ander al op ideeën brengen
De eerste fase in het creatieve proces vond plaats op Koningsdag twee jaar geleden in Amsterdam.
Op de Ring was een klimaatblokkade vlak vóór een ooit iconisch gebouw dat symbool is gebleven voor de macht van het grootkapitaal. Niet dat ikzelf op het asfalt wilde gaan zitten, maar altijd staan er sympatiserende demonstranten naast de actieve actievoerders.
Daar wilde ik graag bijhoren.
Op de fiets ernaar toe reed ik langs de Amstel. Van die rivier bleek niets te zien: woonbooteigenaren verbergen het uitzicht met hoge schuttingen langs hun landje bij hun woonboot.
Ik stel me voor dat ze daar heerlijk zitten.
Gelukkig ligt aan de andere kant van het fietspad een bosrijk gebied. Ik zou die natuur daar niet verwachten, want je bevind je op enkele honderden meters van De Zuidas.
Tot mijn verrassing bloeiden er hyacinten, waar ik foto’s van maakte.



De foto’s vormden inspiratie voor een aquarel.
Ik liet de aquarel hiernaast al eerder zien, maar omdat de aquarel dit keer inspiratie is gaan vormen voor een batik laat ik de aquarel van het hyacintenbos nogmaals zien.
Wat mijzelf verwondert…vanaf dat ik batik zie ik de overeenkomsten tussen aquarelleren en batikken.
De technieken zijn in een aantal opzichten anders, maar het opbouwen van de kleuren en het van licht naar donker werken, lijken op elkaar.
Pas nu ontdek ik: de onderwerpen in vrijwel al mijn aquarellen lenen zich voor het maken van batiks.
En dat ga ik de komende maanden dus doen. Als eerste nam ik het hyacintenbos.
Over de eerste fasen in het proces kan ik vertellen:

Ik vermeng de klassiek batiktechnieken met aquarelleertechnieken.
Ik begon met de lichte kleuren op het katoenen lapje aan te brengen.
Daarna breng ik de was aan.
Waar de was zit, blijft de kleur zoals hiernaast te zien, behouden.
Onderstaand treft u twee volgende fases: kleur aanbrengen, kleuren fixeren, nieuwe was aanbrengen, kleuren, fixeren.
Enzovoorts.



Het doek hiernaast is de laatste fase (tot nu toe).
De was is er uitgekookt.
Ik zou kunnen besluiten dat de batik nu af is, maar ik ga nog een andere batiktechniek toepassen.
Ik ga over vrijwel heel het doek gesmolten was aanbrengen, ongeacht de afbeelding eronder. In de gedroogde waslaag breng ik barsten aan. En vervolgens laat ik verf druppelen in de barsten.
Vervolgens fixeren. Vervolgens uitkoken.
Hieronder ziet u de batik met de craquelerende was er nog op.

Ik breng de was egaal aan over heel het werk. Ik liet het doek nog een half uurtje in de diepvries liggen.
Iemand vertelde me ooit dat de was dan makkelijker zou breken. Maar ik twijfelde daar een beetje aan: misschien werd de was er zelfs wat taaier van. Enfin: in de scheurtjes in de was kan ik verf laten lopen. dat geeft een ‘toevallig’ resultaat.

En dit is dan het eindresultaat. Het is altijd een verrassing: wanneer de was eruit is gekookt, worden de kleuren sprekender.
Al met al vind ik dat het fietstochtje naar de demonstratie me veel heeft opgeleverd: de foto, de aquarel en de batik.
Met dank aan de natuurbeschermers in het gebied, met dank aan de bestuurders die dit gebied in stand houden.
